woensdag 24 juni 2015

... tel ik even niet mee.

Om half zes loop ik naar buiten en in plaats van naar Utrecht ga ik naar Wageningen, naar het centrum, om wat te eten. Ik heb weinig tijd en veel honger, dus het wordt een grote friet met heel veel erbij. Snackbar Het Passantje is een plek waar je als anonieme passant rustig een gezinszak friet kan bestellen, denk ik, terwijl ik gretig de deur open. Het is niet druk in Het Passantje. Ik kijk naar de menukaart. Achter me zitten een paar mensen met een krantje en een frietje, in een gedeelte dat ik pas ver na het bestellen ontdek. Tegenover me, achter de balie, staat een leerling. Hij groet verbaasd en vrolijk en ik doe hetzelfde. We kletsen wat over de toetsweek en de vakantie. In een andere omgeving was het een onschuldig, gezellig moment geweest, maar door de frietlucht ben ik me constant bewust van de indruk die ik hier achterlaat: ik ben een docent, iemand met een huis(je) en een inkomen, en ik ga zo in heel weinig tijd heel veel friet eten, in snackbar Het Passantje, in mijn eentje, zonder krant.

Als ik aan de situatie gewend ben besef ik dat ik niet kan bestellen wat ik van plan was. Ik kan het niet nog erger maken dan het al is. Voor je het weet ga je door het leven als de docent die aan één dienblad niet genoeg had. Ik bestel een grote friet en een hamburger. In feite heb ik aan een half dienblad genoeg. De honger is plotseling verdwenen, zoals dat alleen kan als je friet eet, of pannenkoeken. Ik overtuig de leerling ervan dat het lekker was – wat het was – en vraag me of het half leeggegeten bord mijn imago goed doet of juist niet. Met een leeg flesje Fanta onder mijn arm loop ik Het Passantje uit. In de deuropening zwaai ik nog even naar de leerling, omdat hij er ook niks aan kan doen, en omdat het eigenlijk hartstikke gezellig was, als ik me niet zo had aangesteld over imago’s en dat soort dingen.

Buiten kijk ik naar mijn telefoon. Café Loburg moet ik kunnen vinden, maar voor de zekerheid heb ik toch maar Google Maps aangezet. De kaart laat een rechte weg zien en als ik die rechte weg in kijk, zie ik een paar groepen leerlingen lopen. Ze zijn allemaal op weg naar café Loburg. Marten heeft veel mensen uitgenodigd, zo blijkt, want het is druk binnen. Ik voeg me dankbaar bij een leerling die zijn hand opsteekt – naar mij? Andere leerlingen zoeken elkaar en Marten op. Ze zien eruit alsof ze elkaar al jaren kennen, wat zo is en wat ik soms even vergeet. Het is een leuke groep. In de steeds voller wordende ruimte is inmiddels nog geen docent te bekennen. Ik twijfel of ik een rondje moet gaan lopen of niet.

Marten speelt piano, zingt en drumt, zo heb ik me laten vertellen. Vanavond laat hij het drummen over aan een vriend. Een andere vriend speelt basgitaar en weer een andere gitaar. Als chemie niet zo’n besmette term was geweest, dan is er sprake van chemie tussen de muzikanten. Ze voelen elkaar aan en vinden het leuk, echt leuk, om daar te zijn, met zijn vieren. Om dat bereikt te hebben, met zijn vieren. En dat is geen toeval geweest. Met elk nummer dat ze spelen stijgt mijn bewondering. Ik vind het heel erg goed, voor zover ik er verstand van heb. En anders vind ik het heel erg mooi, en dat is misschien nog wel meer waard.

Aan het einde van de avond signeert Marten cd’s. Hij zet er bij iedereen iets persoonlijks op. Complimenten neemt hij bescheiden en dankbaar in ontvangst. Af en toe kijkt hij naar zijn vader of naar de rij, die lang is en onoverzichtelijk. Ik ben nu een docent in een rij, wachtend op een handtekening. Het maakt me niks meer uit. Ik denk aan hoe onbelangrijk redekundig ontleden is, voor Marten en voor zoveel andere leerlingen, die zoiets kunnen, of iets heel anders. Naast me in de rij staat zijn docent wiskunde. Hoe moet die zich wel niet voelen? Dan ben ik aan de beurt. Marten schrijft ook voor mij iets persoonlijks op de cd. Ik voel me vereerd. ‘Voor u, meneer’, zegt hij, en even zijn de verhoudingen weer zoals ze waren. Dan pak ik mijn portemonnee en geef hem het welverdiende geld voor de cd. Marten is vandaag geen leerling, maar een artiest, en ik ben vandaag gedegradeerd tot een eenzame, friet etende, in de rij wachtende, betalende fan. Als ik morgen op school weer kan promoveren, dan was dit absoluut voor herhaling vatbaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten