vrijdag 18 september 2015

... wil ik iedereen (leren) kennen.

Freek is de broer van Frits en dat is te zien ook. Ze lopen op precies dezelfde manier de trappen op, ze kijken op precies dezelfde manier even vaak en lang uit het raam. Ik noem Freek steevast Frits en ik weet hoe vervelend dat is, maar ik doe het per ongeluk. Zijn broer ken ik nu eenmaal langer, het kost even tijd om hem te vervangen door Freek. Zie het als een H&M op de plek waar jaren de Albert Heijn heeft gezeten. Je weet dat er iets veranderd is, maar toch denk je er niet voortdurend aan, waardoor je zeker een paar keer met een tas lege flessen de paskamers in loopt. Het is even gênant als onvermijdelijk; aan de andere kant is het probleem van tijdelijke aard. Op het moment dat het voor Freek echt vervelend begint te worden, noem ik hem Freek. En Frits ook trouwens. Pech voor Frits.

Ik geef dit jaar les aan zes klassen. In die klassen zitten in totaal 186 leerlingen, leerlingen die ik in de afgelopen weken een klein beetje wilde leren kennen. Dat is redelijk gelukt. Zo weet ik van sommige leerlingen precies waarom zij een Netflixabonnement hebben en van andere waarom zij op het strand meer zin hadden in slapen dan in lezen, al had het één zeker iets met het ander te maken. Ze vertelden me verder over hun vakantiebestemmingen – ik was op hun leeftijd nog nooit in de hoofdstad van Nederland geweest, laat staan in die van Argentinië –, over hun rooster, hun kaftpapier en de aankomende selectietrainingen. Ook noemden ze allemaal hun naam, minimaal één keer, waarna ik het tijd vond om die te onthouden. Dat is niet helemaal gelukt. Nog steeds niet. Waar ik van het lesgeven ongeveer alle onderdelen overschat – ik geef in de praktijk vaak beter les dan in mijn hoofd – blijf ik het onthouden van namen schromelijk onderschatten.

Twee jaar geleden had ik een klas met daarin 34 leerlingen. In plaats van met enige voorzichtigheid aan de eerste les te beginnen, blufte ik na het horen van alle namen dat ik iedereen bij zijn of haar naam kon noemen. Ik mocht er vier keer naast zitten, vond ik, vanaf vijf verkeerde namen zou ik trakteren. Ik ben toen na vijf leerlingen gestopt om de schade verder te beperken. Dat de eerste vijf leerlingen vrijwel of geheel dezelfde namen hadden heeft me toen nog een beetje gered, samen met de reusachtige cake die ik de tweede les meenam. Ook dit schooljaar heb ik er al een paar keer behoorlijk naast gezeten. Daar baal ik van. Ik wil alle namen, oftewel alle leerlingen, meteen kennen. Ik wil ze zo graag bij hun eigen naam noemen dat mijn teleurstelling als ik de verkeerde naam noem misschien niet helemaal in verhouding staat tot het schouderophalen van de leerling, die wellicht niets anders gewend is in de eerste weken van een nieuw schooljaar.

Behalve de grote groep nieuwe leerlingen die in dezelfde (eerste) week binnenstroomt, speelt een andere factor een onhandige rol in het onthouden van alle namen: sommige mensen hebben een naam die niet bij hen past of, wat eigenlijk hetzelfde is, hebben een bepaalde naam niet die hen op het lijf geschreven is. Ik heb bijvoorbeeld een Dave in de klas, een echte Dave met alles erop en eraan, behalve zijn naam. Hij heet Bart, gek genoeg. Dat klopt niet. Hij zal voor mij nog heel lang Dave blijven, ik moet er alleen voor zorgen dat ik hem dat niet (nog eens) laat blijken. Bart is namelijk voor zichzelf en voor zijn omgeving al veertien jaar Bart. En de naam Dave, hoe logisch ook, hoort niet bij hem. Dat ik hem per ongeluk zo noemde, in de tweede les, zorgde dan ook voor veel commotie. Er werd gelachen door klasgenoten die in Bart ook geen Dave herkenden. ‘Hoe komt u nou bij Dave, meneer?’ vroeg Bart. En ik wilde antwoorden: hoe komen jouw ouders nou bij Bart?

Aan alle leerlingen, ook aan Bart: volgende les weet ik jullie namen, het is nu de hoogste tijd daarvoor. En als ik je toch per ongeluk anders noem, probeer het dan als iets positiefs te zien. Je hebt dan waarschijnlijk je echte naam gehoord, de naam die je ten onrechte niet hebt gekregen. Je leven zal nooit meer hetzelfde zijn.

(Alle namen in dit stukje zijn verzonnen, omdat verzinnen altijd goed gaat.)


Geen opmerkingen:

Een reactie posten